Veiligheid als basisrecht, niet als slogan
Veiligheid op de werkvloer is geen ‘prioriteit’ die kan schuiven onder druk, maar een basisrecht. Toch blijft het in veel organisaties een verplicht nummertje. Hoe maak je van veiligheid een gedeelde reflex, en zelfs een motor voor samenwerking en innovatie?
Veiligheid is onze eerste prioriteit. Veel organisaties communiceren het graag, maar volgens keynote speaker en veiligheidsspecialist Lars Van Rode blijft het te vaak bij een holle slogan. Net omdat prioriteiten nu eenmaal verschuiven wanneer deadlines knellen, klanten aandringen of productie moet worden opgevoerd. “Veiligheid is meer dan een prioriteit”, zegt hij. “Het is een basisrecht. Het is zelfs wettelijk verankerd, terwijl zaken als productiviteit of klanttevredenheid dat niet zijn.”
Ook Pieter-Michiel Vermaut, preventieadviseur niveau 1 en docent binnen de bachelor Maatschappelijke Veiligheid (VIVES Kortrijk), herkent dat spanningsveld. In zijn werk ziet hij hoe organisaties soms blijven hangen in wettelijk in orde zijn, zonder dat dat automatisch leidt tot een gedragen veiligheidscultuur. “Hoe meer tijd je spendeert in wettelijke conformiteit, hoe meer je mensen wegduwt van de kern van de zaak,” stelt hij. “En die kern is bijzonder concreet: zorgen dat mensen ’s avonds veilig, gezond en wel thuiskomen.”
Van regels naar inzicht en gedrag
Organisaties grijpen vaak naar regels, procedures en checklists om veiligheid te borgen. Begrijpelijk, maar Van Rode waarschuwt dat een overdaad aan regels net contraproductief kan worden. “Van veiligheidsregels ben ik een koele minnaar,” zegt hij. “Niet omdat regels niet belangrijk zijn, maar omdat veiligheid heel situationeel is.”
Wanneer je als organisatie wil bepalen welke procedures essentieel zijn, verwijst Vermaut naar het dynamisch risicobeheersingssysteem als basisprincipe. In essentie komt het neer op risicoanalyse: “De bedoeling is dat je risico per risico op maat van je bedrijf analyseert. En vooral: niet vanachter een bureau, maar samen met de mensen die het werk uitvoeren. Risicoanalyse doe je samen. Dus weten van mensen op de vloer hoe ze het doen. Niet top-down, maar in die wisselwerking.” Waar veiligheid vaak wordt gezien als een kost of rem, noemen beide experts het net een hefboom. Van Rode wijst erop dat veiligheid bedrijven dwingt om processen te herdenken. “Wat doen we al jaren op dezelfde wijze, en waarom? Die reflex lijkt sterk op andere transformaties zoals digitalisering en AI: ze vragen dat organisaties kritisch naar hun werking kijken, en slimmer gaan organiseren.”
Hij geeft een voorbeeld uit een hoog geautomatiseerde omgeving: bij retourstromen in e-commerce lopen werknemers risico op snijwonden door foutief ingepakte pakketten. Richtlijnen voor klanten helpen maar beperkt, omdat eindgebruikers ze niet altijd volgen. Een mogelijke oplossing? Computer vision die pakketten scant en werknemers waarschuwt bij verhoogd risico. Zo wordt een veiligheidsprobleem een aanleiding voor innovatie – met voordelen die verder gaan dan veiligheid alleen.
“Van veiligheidsregels ben ik een koele minnaar, omdat het heel situationeel is”
Samenwerking tussen werkvloer en management
Veiligheid raakt elke laag van een organisatie, maar het ontstaat pas echt wanneer het systeem zowel top-down als bottom-up werkt. Management moet het kader, de middelen en het leiderschap voorzien. De werkvloer brengt de best werkbare oplossingen, omdat zich daar de realiteit afspeelt. Volgens Van Rode zit de bottleneck daarbij zelden in communicatie, maar wel in relatie en vertrouwen. “Mensen aanspreken op onveilig gedrag werkt alleen wanneer er eerst een basisrelatie bestaat. Zonder vertrouwen voelt feedback als controle of kritiek. Met vertrouwen wordt het zorgzaamheid: ik spreek je aan omdat jouw veiligheid ook de mijne is.”
In veel organisaties wordt veiligheid vooral gekoppeld aan incidenten: arbeidsongevallen, almost accidents, near misses. Maar zowel Van Rode als Vermaut pleiten voor een bredere benadering. Veiligheid is ook: wat loopt er goed, welke werkafspraken werken wél, en hoe versterken we die?
Vermaut gelooft sterk in het belang van ‘goed nieuws’ delen. “Veiligheidscultuur mag geen permanente klaagshow worden. Successen zichtbaar maken via interne communicatie, voorbeelden op de werkvloer, teams die elkaar vooruithelpen, kan net bijdragen aan trots en betrokkenheid. Tegelijk waarschuw ik voor schijnpositiviteit: affiches met ‘300 dagen zonder ongeval’ kunnen ertoe leiden dat mensen incidenten verzwijgen om het cijfer niet te breken. Positieve cultuur vraagt eerlijkheid én nuance.” De kern benoemt Vermaut als volgt: “Veiligheid is geen apart eiland, maar een integraal deel van je dagelijkse bedrijfsvoering.”
Win-win of lose-lose
Van Rode noemt veiligheid één van de weinige domeinen in een organisatie die een echte win-win kan zijn: als veiligheid beter wordt, wint iedereen. Maar hij wijst ook op een harde realiteit: in sectoren met zware prijsdruk kan wie investeert in preventie, opleiding en veilige methodes uit de markt geprijsd worden door spelers die het minder nauw nemen. Dan wordt veiligheid een gedeelde verantwoordelijkheid van hele ketens: opdrachtgevers, aannemers en partners.
Vermaut ziet die maatschappelijke dimensie eveneens. Hij noemt welzijn op het werk expliciet sociaal verantwoord, naast het juridische en het financiële argument. “Wie veiligheid reduceert tot ‘het moet van de wet’, blijft reactief. Wie veiligheid benadert als zorg voor collega’s, bouwt aan een cultuur die
ook standhoudt wanneer het druk wordt.” •