za 24 okt
Food

Kopen in eigen streek? Goeie smaak!

Wel nee, we hebben geen pandemie nodig om te beseffen dat lokaal kopen belangrijk is. Wie zijn boodschappen doet bij de buurtsupermarkt, hoevewinkel of pluktuin, koopt met smaak – zowel economisch als ecologisch. Nog een overtuigende reden om te kopen en eten in eigen buurt? De unieke producten en recepten die onze regio’s rijk zijn.

10 september 2026Door Heleen Driesen5 min. leestijd

Remember corona. Ons aankoopgedrag kwam even op scherp te staan. Plots drong het besef door hoe afhankelijk we zijn van verre landen voor onze basisproducten, zoals energie en voeding. Dat ongemakkelijke gevoel is intussen wat naar de achtergrond verdwenen, ziet Chiel Sterckx van UNIZO. “Terwijl de vraag nog altijd even actueel is: willen we dit wel?”

Toen was het de pandemie, vandaag zijn het geopolitieke spanningen en een wereldorde die verandert. “Maar de essentie blijft dezelfde”, weet Sterckx. “Is het wel verstandig om al onze eieren in een buitenlandse mand te leggen?”

Meer bewustzijn in je mandje

Het antwoord ligt voor een belangrijk deel bij de keuzes die we elke dag maken, stelt de retailexpert. “Kies je voor vlees, vis, groenten of fruit van eigen bodem, dan ondersteun je lokale producenten en hou je de werkgelegenheid dichtbij. Onze bedrijven betalen belastingen die terugvloeien naar de maatschappij. Op die manier komt een deel van je investering opnieuw bij ons allemaal terecht.”

Natuurlijk leven we in een globale wereldeconomie, klinkt het. Dat er buitenlandse producten op onze markt komen, is dan ook niet per definitie slecht. Maar dat betekent niet dat we geen bewuste keuzes kunnen maken. “Een sinaasappel valt hier nu eenmaal moeilijk te telen,” aldus Sterckx. “We hoeven echt geen honderd jaar terug in de tijd. Maar als je naar de winkel gaat voor groente en fruit, sta dan gewoon even stil bij het product dat je koopt. Wie heeft ervoor in het veld gestaan? En welke weg – met de boot, vrachtwagen of zelfs luchtvervoer – heeft het afgelegd voor het in je winkelkar belandt?”

Asperges in november en boerenkool in mei? Dat klopt gewoonweg niet, stelt Sterckx. Heb je de keuze tussen verschillende soorten groenten en fruit, vraag je dan eerst af: past het bij deze tijd van het jaar? “Ga appelen kopen wanneer ze net geplukt zijn in de boomgaard. Dat komt het milieu én je portemonnee ten goede. En hoe je het ook draait of keert: vers geplukt smaakt vaak ook gewoon beter.”

Kortere keten, sterker verhaal

Denk in korte afstand, maar niet op de korte termijn, benadrukt de UNIZO-manager. “Stel dat je iets goedkoper vindt in een supermarkt net over de grens, denk dan aan de economische en maatschappelijke meerwaarde als je toch in eigen land koopt.” Die meerwaarde voel je uiteindelijk ook dichtbij, in onze eigen stad, dorp en buurt. “Ik zie weinig reclame van Temu en Shein rond onze voetbalvelden. Het zijn onze lokale bakkers, kruideniers en retailers die onze verenigingen steunen. Zonder onze steun valt dat weefsel uit elkaar.”

Wie rechtstreeks koopt van het veld – bij de boer, lokale hoevewinkel of bioshop – verkort letterlijk de keten. Maar lokaal kopen beperkt zich niet tot de boerderij, benadrukt Sterckx. Ook veel buurtsupermarkten ondernemen volledig zelfstandig.“Zij zoeken vaak actief samenwerkingen met producenten uit hun omgeving: een plaatselijke kippenboer, bloemkoolteler of een bloemenkweker. Of neem nu de ijssalon dat zijn melk haalt bij het melkveebedrijf om de hoek”, haalt Sterckx aan. Het resultaat is een product met minder kilometers op de teller, maar met een gezicht en een verhaal erachter.

De essentie blijft dezelfde: willen we al onze eieren in een buitenlandse mand leggen?
Chiel SterckxUNIZO

Proef de streek

Dat verhaal zit ontegensprekelijk in de streekproducten die al decennialang deel uitmaken van onze culinaire traditie. Daarbij gaat het om meer dan de overbekende Geraardsbergse mattentaart, Antwerpse handjes of Limburgse vlaai, benadrukt Jo Van Caenegem van het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM). “Ook tuinbouwers of buurtslagers maken producten waarvan mensen zeggen: dit is iets van hier. We zijn een klein land, maar de verschillen zijn groot. Met kruiden, ingrediënten of een bepaalde structuur krijgt een eenvoudig product een heel eigen streekkarakter.”

Zo bestaat er aan de kust een lange traditie van visrokerijen, begint Van Caenegem linksboven op de kaart. “Gerookte sprot, haring en heilbot zijn prachtige producten met typische varianten die je niet zomaar elders vindt.” In het Meetjesland zijn dan weer de gedroogde worsten van lokale slagers een geliefd streekproduct. En filet d’Anvers? Dat is bij ons goed bekend, maar gerookt rundsvlees is in Europa eerder uitzonderlijk. “We dreigen zulke producten wat te vergeten door de populariteit van zuiderse charcuterie. Terwijl de kwaliteit van wat wij op onze boterham leggen uitzonderlijk is.”

Dat geldt ook voor peperkoek, die ooit een vaste plaats had op de Vlaamse ontbijttafel. Vooral in Oost-Vlaanderen wordt hij nog volgens traditionele recepten gemaakt. In de Vlaamse Ardennen leeft dan weer de oude traditie van schapen- en geitenkaas voort. “Die komt voort uit een geschiedenis van eenvoudige mensen die zich geen koe konden permitteren, maar kaas maakten voor zichzelf met eigen schaap en geit.”

Zelfs koffie heeft een lokaal verhaal. “België kent een opmerkelijke traditie van kleine koffiebranders, die soms al generaties lang met dezelfde bonenmengeling en branding werken. In Limburg is er bijvoorbeeld de ambachtelijk gebrande koffie uit het Land van Loon.” En om centraal in ons land te besluiten: daar is mosterd al eeuwen een streekproduct. “Vroeger had bijna elke gemeente wel een mosterdmaker, met eigen recepten en smaken. In Vlaams-Brabant wordt die traditie vandaag nog voortgezet, onder meer met mosterd die op grote stenen wordt gemalen.”

Alleen streekproducten die minstens 25 jaar bestaan of teruggaan op een ouder product, kunnen het officiële label van streekproduct krijgen. Leg je al deze producten bij elkaar, dan krijg je veel meer dan een verzameling culinaire curiosa, beklemtoont Jo Van Caenegem. “Ze laten zien hoeveel kennis, vakmanschap en regionale eigenheid er schuilt in producten die vaak heel alledaags lijken. Door ze te blijven maken én kopen, blijven die tradities leven.”