di 6 okt
Sustainability

Van afval tot grondstof: de sleutel tot Europese weerbaarheid

De strijd om kritieke grondstoffen is uitgegroeid tot een economische én geopolitieke uitdaging. Europa zet volop in op circulariteit, maar zonder een bredere industriële strategie blijft de afhankelijkheid van invoer uit derde landen groot.

22 september 2026Door Marleen Walravens4 min. leestijd

De energietransitie, digitalisering en defensie doen de vraag naar kritieke grondstoffen explosief toenemen. Lithium, koper, nikkel en zeldzame aardmetalen zijn onmisbaar voor batterijen, windturbines, datacenters, chips en elektrische voertuigen. Daardoor bevindt de Europese industrie zich in een zeer kwetsbare positie. “Ook België is voor meer dan 90% afhankelijk van derde landen voor de invoer van kritieke grondstoffen, voornamelijk van China”, zegt Aarnout Ecker van Denuo, de federatie van Belgische private afvalbeheer- en recyclagebedrijven. “Niet alleen voor de ontginning, maar vooral voor de raffinage en verwerking is China de dominante speler”, voegt Wim Knaepen, Opdrachthouder bij de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV), toe. “Onze kwetsbaarheid zit in de volledige waardeketen.”

Circulariteit wordt in dat debat vaak naar voren geschoven als dé oplossing voor de grondstoffenproblematiek, maar is niet de enige strategie. Zelfs in een ambitieus circulair scenario zal Europa nog lange tijd primaire grondstoffen nodig hebben. Ecker verwijst hierbij naar de EU-studie FutuRaM (Future Availability of Secondary Raw Materials) die analyseert hoeveel kritieke grondstoffen (Critical Raw Materials, CRM’s) Europa kan terugwinnen uit afvalstromen zoals batterijen, elektronica, voertuigen, windturbines en bouwafval. De studie kijkt vooruit naar 2050 onder verschillende scenario’s. In het best case scenario van circulariteit kan tegen 2050 meer dan de helft van de behoefte aan primair kritieke grondstoffen vervangen worden door gerecycleerde materialen uit Europese afvalstromen, waardoor de afhankelijkheid van invoer uit derde landen meer dan gehalveerd zou worden.

Meer dan een recyclageverhaal

Vandaag zijn de recyclageketens voor klassieke metalen zoals aluminium, koper, nikkel en zink relatief goed ontwikkeld, maar voor veel kritieke grondstoffen blijft de terugwinning beperkt. “Het gemiddelde aandeel gerecycleerd materiaal voor kritieke grondstoffen in Europa bedraagt slechts ongeveer 8%. Bovendien gaan nog aanzienlijke hoeveelheden verloren doordat afgedankte toestellen niet worden ingezameld, producten moeilijk demonteerbaar zijn, afval illegaal wordt uitgevoerd, kritieke metalen in zeer kleine hoeveelheden aanwezig zijn en producten niet ontworpen zijn met recyclage in gedachten”, verklaart Knaepen.

De grootste uitdaging ligt niet bij het recycleren zelf, maar bij het verzamelen en sorteren van voldoende kwalitatieve materiaalstromen. “Er is inderdaad een gebrek aan inzameling”, zegt Ecker. “Veel waardevolle materialen gaan vandaag nog verloren omdat producten niet worden ingezameld, thuis blijven liggen, bij het verkeerde afval terechtkomen of buiten Europa worden verwerkt.” Verder zijn er economische drempels. Door de dalende industriële activiteit in Europa is er te weinig vraag naar gerecycleerde materialen. Bovendien zijn primaire grondstoffen op de wereldmarkt soms goedkoper beschikbaar. “Als de vraag groot genoeg is, zullen de investeringen in recyclagetechnologie automatisch volgen”, geeft Ecker nog mee. “Daarom moet de CO²-impact door de ontginning van virgin materials mee aangerekend worden, wat nu niet het geval is. Dan pas wordt gerecycleerd materiaal competitief.”

Onze kwetsbaarheid zit in de volledige waardeketen
Wim KnaepenOpdrachthouder bij de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV)

Circulariteit begint bij design

Voor Knaepen ligt de grootste winst niet aan het einde van de keten, maar helemaal aan het begin. “Circulariteit begint op de tekentafel. Circulair ontwerp moet de norm worden. Wanneer producten herstelbaar, demonteerbaar en recycleerbaar worden ontworpen, stijgt de economische én ecologische waarde gedurende hun volledige levenscyclus.”

Grondstoffenzekerheid als strategische noodzaak

Daarmee verschuift de aandacht van recyclage alleen naar een bredere circulaire strategie, waarin ook levensduurverlenging, hergebruik, remanufacturing en efficiënter materiaalgebruik centraal staan. Dit heeft niet alleen een verminderde afhankelijkheid van invoer tot gevolg, maar creëert ook meer economische activiteit en werkgelegenheid in Europa, met een kleinere milieu-impact. Nieuwe instrumenten zoals digitale productpaspoorten, artificiële intelligentie voor materiaalsortering en geavanceerde batterijrecyclage zullen die evolutie versnellen, maar vragen tegelijk aanzienlijke investeringen en aangepaste regelgeving. Recyclage wordt pas aantrekkelijker naarmate grondstoffen schaarser worden, energie-intensieve primaire productie duurder wordt en beleidsmaatregelen zoals verplichte gerecycleerde content of ecodesign de markt stimuleren. De overgang naar een circulaire economie is dus niet louter een technologische uitdaging, maar evenzeer een economische, maatschappelijke en beleidsmatige transformatie.

“Grondstoffenzekerheid is uitgegroeid tot een economische en geopolitieke randvoorwaarde voor de Europese industrie”, besluit Wim Knaepen. Circulariteit vormt daarbij geen eindpunt, maar het fundament van een bredere industriële strategie die de economische weerbaarheid van Europa moet versterken in een wereld waarin toegang tot kritieke grondstoffen steeds vaker een instrument van geopolitieke macht wordt. •