di 6 okt
Business Guide

Frank Beckx: “Durf groots te denken en te dromen”

Frank Beckx heeft zijn carrière altijd opgebouwd op het kruispunt van politiek, beleid, communicatie en ondernemerschap. Als gedelegeerd bestuurder van Voka staat hij vandaag mee aan de wieg van de ‘Switch naar groei 2035’: een toekomstvisie die Vlaanderen opnieuw op een groeipad moet zetten, met ondernemerschap als belangrijke motor.

30 september 2026Door Tara Troch6 min. leestijd
© Thomas Nolf

Waarom is economische groei vandaag zo noodzakelijk?

“We hebben meer economische groei nodig om onze grote maatschappelijke uitdagingen aan te kunnen. Vandaag zitten we onder 1 procent groei. Dat is te weinig. We hebben extra middelen nodig voor gezondheidszorg, onderwijs en veiligheid. Tegelijk moeten we onze welvaartsstaat betaalbaar houden. Dan is er maar één weg: meer groei. Met 2 procent groei richting 2035 zouden we ongeveer 50 miljard euro extra inkomsten creëren. We moeten de taart opnieuw groter maken, in plaats van voortdurend te discussiëren over een stukje van een taart die nauwelijks nog groeit.”

Wat moet economische groei ons uiteindelijk opleveren?

“Voor ons is groei absoluut geen doel op zich. Het gaat erom wat we ermee mogelijk maken. We zijn er als samenleving door economische groei altijd beter op geworden. Kijk naar onze levensverwachting, geneesmiddelen en levenskwaliteit. Ook op het vlak van klimaat en milieu kunnen we dankzij innovatie en investeringen vooruitgang boeken. Ik geloof dus niet in groei om de groei, maar in groei die onze samenleving beter maakt. Uiteindelijk wil iedereen dat zijn kinderen en kleinkinderen het beter hebben. Vandaag voelen veel mensen onzekerheid daarover. Economische groei kan een belangrijk deel van het antwoord zijn.”

Waar staat Vlaanderen vandaag op economisch vlak?

“We mogen niet doen alsof het allemaal kommer en kwel is. We hebben nog altijd heel veel sterke bedrijven en een enorme innovatiekracht. Kijk naar farma, biotech, chiptechnologie en materialen. De combinatie van kennisinstellingen, universiteiten, hogescholen en bedrijven is een belangrijke troef. We behoren op innovatievlak bij de Europese leiders. Maar we slagen er te weinig in om die kennis te commercialiseren en te valoriseren. We hebben brains en talent, maar moeten er veel beter in worden om van uitvindingen wereldproducten te maken. We botsen op de Europese schaal, een gefragmenteerde interne markt, beperkte toegang tot kapitaal en regelgeving.”

Uiteindelijk moet Vlaanderen opnieuw een leidende regio in Europa worden
©Thomas Nolf

Wat moet er veranderen om opnieuw competitiever te worden?

“We moeten verschillende dingen tegelijk doen. Vlaanderen is een kleine, open economie en afhankelijk van internationale handel. Tegelijk moeten we ons eigen huiswerk doen: regelgeving vereenvoudigen, structurele hervormingen doorvoeren, administratieve lasten beperken, onderwijs versterken, inzetten op levenslang leren en onze vergunningen verbeteren. Daarnaast moeten we Europees denken. Soms is Vlaanderen te klein en moeten we schaal creëren. Dat kan bijvoorbeeld via de Benelux. We moeten in Europa mee aan de kar trekken voor competitiviteit, ondernemerschap en industrie. Meer Europa kan nodig zijn, maar dan wel een Europa dat ruimte geeft aan economische groei.”

Waarom wordt productiviteit zo belangrijk?

“In het verleden kwam economische groei voor een groot deel doordat meer mensen aan het werk gingen. Vandaag hebben we te maken met toenemende vergrijzing. We kunnen dus niet blijven rekenen op steeds meer mensen die aan de slag gaan. De volgende groeisprong zal vooral uit productiviteit moeten komen. Dat betekent: meer doen met dezelfde input en met dezelfde mensen meer genereren. We zullen niet noodzakelijk harder moeten werken, maar vooral slimmer. Door technologie, innovatie en digitalisering, maar ook door mensen voortdurend nieuwe vaardigheden aan te leren. Het idee dat je afstudeert met een diploma en vervolgens tot je 67 hetzelfde beroep uitoefent, is voorbij. Upskilling en reskilling worden essentieel. Levenslang leren moet veel meer een cultuur worden.”

Welke rol speelt AI daarin?

“AI is een van de belangrijkste hefbomen voor productiviteitsgroei. Het gaat daarbij niet over één keer ChatGPT consulteren. De echte vraag is hoe je artificiële intelligentie in al je bedrijfsprocessen krijgt. Dat geldt voor alle ecosystemen. In de zakelijke dienstverlening, bij consultants, advocaten en boekhouders bijvoorbeeld, zal AI een grote impact hebben. Maar ook in de industrie en vooral bij kmo’s ligt nog een enorme opportuniteit. Hoe krijgen we onze Vlaamse kmo’s mee in de adoptie van nieuwe technologieën? Als we daarin grote stappen kunnen zetten, kunnen we een gigantische productiviteitssprong realiseren en onze concurrentiekracht versterken. Die boot mogen we absoluut niet missen.”

©Thomas Nolf
We moeten in Europa mee aan de kar trekken voor competitiviteit, ondernemerschap en industrie

Hoe zorgen we ervoor dat meer start-ups doorgroeien tot scale-ups?

“Er is vandaag geen gebrek aan start-ups. Er worden veel ondernemingen opgericht. De grote kloof zit in de stap van start-up naar scale-up en vervolgens naar een internationaal bedrijf. Wij willen het aantal unicorns tegen 2035 maal vijf laten gaan. Daarvoor moeten we een klimaat creëren waarin bedrijven kunnen schalen. Financiering speelt daarin een belangrijke rol. Onze Europese kapitaalmarkt is nog te klein en te gefragmenteerd. Daardoor botsen sterke Vlaamse bedrijven soms op hun grenzen en trekken ze uiteindelijk naar de Verenigde Staten, omdat ze daar gemakkelijker grote kapitaalrondes kunnen ophalen. Dat is bijzonder jammer.”

Hoe kunnen we meer kapitaal naar de economie brengen?

“We kennen een cultuur van sparen. Er staat meer dan 300 miljard euro op onze spaarboekjes. Er is dus geen gebrek aan kapitaal, maar wel aan manieren om het te mobiliseren. Daarom stellen wij de invoering van een groeirekening voor: een laagdrempelige beleggingsrekening die fiscaal interessant is en mensen al op jonge leeftijd laat deelnemen aan de groei van onze economie. De interesse bij jongeren in beleggen en financiële markten is vandaag groot. Daar moeten we op voortbouwen. Met de juiste voorwaarden kunnen we slapend kapitaal activeren.”

Jullie toekomstvisie maakt duidelijke keuzes. Waarom?

“We kunnen niet in alles excelleren. Daarom hebben we de economische en technologische sterktes van Vlaanderen in kaart gebracht en gekeken waar nog groot groeipotentieel zit. We komen tot tien ecosystemen, die samen ongeveer 60 procent van de economie vertegenwoordigen. Daar zitten onder meer agrovoeding, energie-intensieve industrie, bouw, zorg en gezondheid en veiligheid en defensie tussen. Daarnaast zijn er transversale ecosystemen zoals digitale technologie, logistiek, financiële dienstverlening en energieoplossingen. Waarom we spreken over ecosystemen en niet over sectoren? Omdat een economie vandaag met elkaar vervlochten is. Net de kruisbestuiving tussen die ecosystemen zal onze economie sterker maken. Digitale technologie kan bijvoorbeeld de bouw productiever maken, terwijl logistiek en financiering andere ecosystemen versterken.”

 

©Thomas Nolf

Welke rol neemt Voka zelf op in die omslag?

“De ‘Switch naar groei 2035’ is niet alleen een verhaal voor de politiek en ondernemers. Het is ook een verhaal voor onze eigen organisatie. We hebben 18.000 leden in Vlaanderen en willen hen helpen om die switch te maken. Artificiële intelligentie is daar een goed voorbeeld van. We zullen zelf een ambitieus programma moeten ontwikkelen om AI in ondernemingen toe te passen. De voorstelling van onze toekomstvisie was daarom vooral het begin. Dit wordt onze roadmap voor de komende tien jaar. We zullen permanent moeten bijsturen, maar niet telkens opnieuw het hele roer omgooien.”

Wanneer is die missie geslaagd?

“Uiteindelijk moet Vlaanderen opnieuw een leidende regio in Europa worden. We moeten ons benchmarken met de beste regio’s van Europa. We hebben ongeveer veertig indicatoren gedefinieerd die we in een dashboard zullen opvolgen. Dit is geen plan dat na drie jaar weer wordt vervangen. Het moet ons kompas zijn voor de komende tien jaar.”

Wat is uw boodschap aan ondernemers die vandaag twijfelen om een idee te realiseren?

“Doe het gewoon. Als je een idee hebt en je voelt het kriebelen, begin eraan. Laat je niet afschrikken. Durf groots te denken en te dromen, en toon vooral lef. We mogen in Vlaanderen meer vertrouwen hebben in onze kennis, onze kunde en onze ondernemers. Onze nuchterheid is een sterkte: we verkopen weinig gebakken lucht en willen dat iets echt werkt. En soms moeten we die kwaliteit ook commercieel durven uitspelen. De risico-aversie is in Europa groot geworden. We reguleren veel en laten te weinig ruimte voor experiment. We zouden vaker gecontroleerde experimenten moeten toelaten in plaats van meteen nieuwe wetgeving te maken. Mijn droom is dat Vlaanderen een regio wordt waar het goed is om te wonen en te werken, maar ook om te ondernemen. Als mensen met goede ideeën hun plannen opgeven, is dat niet alleen een gemiste kans voor henzelf. Het is ook een gemiste kans voor onze groei.”