
Geopolitiek herschrijft de spelregels van de wereldhandel
Geopolitieke spanningen sturen de internationale economie in een nieuwe richting. Bedrijven die over de grens ondernemen, moeten hun strategie aanpassen, risico’s spreiden en veerkracht opbouwen. Alleen zo blijven ze ook in een onzekere wereld groeien.
konden rekenen op relatief stabiele internationale relaties en steeds verdergaande globalisering, worden ze vandaag geconfronteerd met een veel complexere realiteit. Handelsconflicten, oorlogen, sancties, cyberdreigingen en toenemende geopolitieke spanningen zetten internationale waardeketens onder druk en hebben de spelregels fundamenteel veranderd. “Geopolitiek zal alsmaar een grotere rol spelen in de economie”, zegt Hans Diels, toekomstdenker en geopolitiek expert bij Etion. Redenen hiervoor zijn de veranderde machtsbalans tussen de grootmachten en middle powers, de opkomst van autoritaire leiders en de toenemende grondstoffenschaarste. “Een andere belangrijke factor is de economische interdependentie tussen landen. Wanneer landen met sterke economische banden in een politiek conflict treden, zullen ze minder snel elkaar militair aanvallen, maar eerder economische oorlogsvoering gebruiken om elkaar onder druk te zetten. Dit alles leidt tot meer politieke disruptie van onze economie.”
Van kostenefficiëntie naar strategische wendbaarheid
Jarenlang konden bedrijven hun internationale strategie grotendeels bouwen op één uitgangspunt: efficiëntie. Productie werd ondergebracht waar de kosten het laagst waren, leveranciers werden gekozen op prijs en markten op groeipotentieel. Maar die logica volstaat niet langer. Bedrijven moeten voortaan ook rekening houden met geopolitieke risico’s, economische afhankelijkheden en een steeds complexere regelgeving. “Toch is internationaal ondernemen geen keuze maar een must voor onze bedrijven”, zegt Olivier Joris, Executive Manager van het Competentiecentrum Europa & Internationaal bij het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO). “Meer dan 80 procent van het Belgische bbp hangt af van export en één op de drie jobs is eraan verbonden.”
Een recente rondvraag van het VBO bij de bedrijven over disruptieve risico’s voor de continuïteit van hun internationale activiteiten, wijst uit dat cyberaanvallen, verstoringen van energie- en ICT-netwerken en onderbreking van de toeleveringsketen door geopolitieke spanningen en handelsconflicten, de grootste bedreigingen vormden. De EU-regelgeving gelinkt aan klimaatdoelstellingen, de compliance verplichtingen met betrekking tot sancties, exportcontrole van bijvoorbeeld dual-usetechnologieën en de due diligence-wetgeving, kunnen een extra laag van complexiteit en extra kosten betekenen voor de bedrijven.
Die nieuwe realiteit betekent niet dat bedrijven massaal hun productie terug naar Europa halen. “We stellen geen algemene trend vast van reshoring of friendshoring”, zegt Joris. “Dat hangt volledig af van het businessmodel van een onderneming. Soms is het een terechte beslissing om dicht bij de leveranciers van grondstoffen te zitten, of daar waar je een grote omzet hebt. Soms opteert een bedrijf voor een land waar meer investeringskapitaal beschikbaar is. We zien dus geen ‘one size fits all’ trend. Wat wel duidelijk zichtbaar is, is een andere evolutie. “Als er één woord is dat alles samenvat, dan is het diversificatie. Minder afhankelijk worden van één leverancier of één afzetmarkt is vandaag een noodzaak.”
Diels ziet dezelfde beweging. Veel ondernemingen blijven bijvoorbeeld actief in China, maar zoeken tegelijk alternatieve leveranciers in landen als Vietnam, India of Indonesië. Toch is ook dat geen wonderoplossing.
“China is vandaag voor veel bedrijven het uitgangspunt”, legt hij uit. “Maar soms blijkt dat een alternatieve leverancier zelf opnieuw sterk afhankelijk is van China. Daarom moet je als bedrijf je volledige economische netwerk in kaart brengen.”

Preventief risicobeheer is nog geen vanzelfsprekendheidHans DielsToekomstdenker en geopolitiek expert bij Etion
Meer aandacht voor risicobeheer en veerkracht
Ondernemingen die hun toeleveringsketens diversifiëren, afhankelijkheden in kaart brengen en scenario’s uitwerken voor handelsspanningen of verstoringen, zijn beter gewapend tegen onverwachte schokken. “Risico’s monitoren en er acties rond nemen, heeft een kostprijs”, preciseert Diels. “Bedrijven zijn al bewuster van de nood aan weerbaarheid, maar preventief risicobeheer is nog geen vanzelfsprekendheid.” Daardoor verliezen zowel Belgische als Europese bedrijven aan concurrentiekracht. De Europese maakindustrie wordt minder competitief, bedrijven sluiten of verplaatsen hun projecten buiten Europa zonder omwille van de zware regelgeving en de hoge energiekosten. “Investment leakage is inderdaad een zorgwekkend verschijnsel in Europa”, aldus Joris. “Maar protectionisme is geen oplossing. We steunen eerder de idee van Made with Europe dan Made in Europe. En een goed functionerende Europese interne markt die niet gefragmenteerd is door nationale, soms protectionistische, wetgevingen of belemmeringen heeft nog veel potentieel.”
De wereldhandel wordt complexer, maar niet kleiner. Voor Belgische bedrijven blijft internationale expansie essentieel. Alleen gebeurt die vandaag vanuit een andere logica. Efficiëntie alleen is niet langer voldoende. Succesvolle bedrijven combineren kostenbewustzijn met geopolitiek inzicht, bouwen veerkrachtige toeleveringsketens uit, spreiden hun risico’s en investeren in strategische flexibiliteit. Wie daarin slaagt, kan ook in een onzekere wereld blijven groeien.






